Tagarchief: Draguet

Vijf jaar zonder een museum voor moderne kunst volstaat !

Communiqué – januari 2016.

 

Wij pleiten voor de uitvoering van een oplossing die de verzameling 20ste en 21ste eeuw SNEL de plaats geeft die ze verdient binnen de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.

Deze toestand heeft lang genoeg geduurd. Vijf jaar na de eigenmachtige en schandalige sluiting van het Museum voor moderne kunst, is het geen dag te vroeg om deze aanslag op de intelligentie en de democratie ongedaan te maken.

 

Sinds februari 2011 is het Brusselse museum voor moderne kunst gesloten enkel en alleen omwille van de beslissing van de directeur. Dit is een inbeslagname van ons patrimonium, niet meer en niet minder! Een verbanning van vijf jaar naar de reserves door de beslissing van één man, een man alleen, zonder enig overleg, noch met de kunstwereld, noch met de verantwoordelijken uit de politieke wereld.

Het misprijzen voor het publiek dat nochtans eigenaar is van dit patrimonium, is onaanvaardbaar. Het uitblijven van een beslissing die toelaat de verzameling in goede omstandigheden te tonen, is dat evenzeer. Met een ongeschonden verontwaardiging nemen wij acte van de vijfde verjaardag van de verdwijning van de verzameling moderne kunst waarvoor architect Roger Bastin, in het hart van de hoofdstad, een boeiend architecturaal project en een ingenieuze lichtput ontwierp.

Musée sans musée – Museum zonder museum (MSM – MZM) werd opgericht in 2011, op het moment van de aankondiging van de sluiting van het museum voor moderne kunst. Wij zijn niet van plan te zwijgen, niet minder in 2016 als in 2011. Via onze mededelingen, betogingen en performances blijven wij protesteren tegen de ongelooflijke beslissing van de museumdirecteur als tegen het schuldig verzuim van de politieke en administratieve instanties.

In tegenstelling tot de provocerende uitspraken van de directeur heeft de moderne – en hedendaagse – kunst in België wel degelijk bestaan en dat doet ze nog steeds. De verzamelingen van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten getuigen van een belangrijk deel van de Belgische en internationale kunstgeschiedenis en de kunstwerken verworven via schenking of aankoop, verdienen onze aandacht. Ze dienen voor elk publiek toegankelijk te zijn.

Vijf jaar betekent een cyclus in het lager, secundair en hoger onderwijs. Jongeren die het contact wordt ontzegd met het artistieke discours dat hun kritische zin en esthetisch aanvoelen kan ontwikkelen, hebben het recht deze werken te ontdekken in een museale omgeving de 21ste eeuw waardig. De musea, net zoals andere culturele instellingen, dienen een rol te spelen in het zich toe eigenen van een gemeenschappelijke en/of gedeelde cultuur. Een cruciaal punt in de huidige maatschappelijke context, waar niet meer aan herinnerd dient te worden.

De vrijgekomen zalen moderne kunst worden vandaag ingenomen door een “Musée Fin-de-siècle Museum” – zijnde een museum van de 19de eeuw – de wens van de directeur en zogenaamd aantrekkelijk voor de toerist, het bevoorrechte publiek van de KMSKB. Het “Musée Magritte Museum” illustreert deze wetenschappelijk verwerpelijke en economisch gestuurde denkwijze die leidt tot het oprichten van ‘musea binnen het museum’, een ontwikkeling die wij sinds jaren energiek afwijzen. Een bedroevende en onaanvaardbare museale politiek die zweert bij evenementen en de verleidingen van de culturele marketing.

Het is evenzeer belangrijk de onaanvaardbare staat waarin zich de verzameling oude kunst bevindt, te vermelden en dit rampzalig beheer van ons patrimonium af te wijzen. Het is hoog tijd dat alle burgers opnieuw kunnen genieten van de volledige verzameling van de KMSKB. Openbare instellingen moeten meer dan ooit hun verantwoordelijkheid opnemen ten aanzien van de democratie en cultuurparticipatie.

De vijf ministers die zich de laatste vijf jaar opvolgden, deden enkel alsof ze zich met dit dossier bezighielden. Ondanks de overvloedige intentieverklaringen, kwam er van niemand een oplossing die op korte termijn kan worden uitgevoerd. Gebrek aan tijd, visie, daadkracht? De optie de verzameling moderne kunst op andere locaties in de hoofdstad tentoon te stellen, lijkt vandaag museaal en financieel niet langer realiseerbaar. De huidige staatssecretaris, Mevrouw Elke Sleurs, bevestigde onlangs haar wil de uitbreidingen van het museum voor oude kunst aan de Regentschapsstraat, die ontruimd werden wegens gezondheidsredenen, te saneren om er de verzameling moderne en hedendaagse kunst in onder te brengen. Volgens haar volstaan deze 3000 m2 en schaadt dit op geen enkele wijze het project van het departement oude kunst.

Dus, genoeg getalmd! Indien deze oplossing wordt weerhouden, laat ze dan snel van start gaan. Het is onaanvaardbaar de burgers nog langer te laten wachten.

 

Een franstalige versie van deze tekst verscheen in La Libre Belgique, 20 januari 2016

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Mededelingen van MzM, Non classé

Museum voor Moderne Kunst al 4 jaar gesloten

De burgerbeweging Museum zonder Museum (MzM) vraagt de snelle heropening van het Museum voor Moderne Kunst. Op 1 februari was het precies vier jaar geleden dat dat museum in de Regentschapsstraat de deuren sloot.

De burgerbeweging vraagt in een persbericht zondag dat “de verzameling van moderne kunst, sinds 2011 ontoegankelijk, snel opnieuw in de beste museale omstandigheden wordt tentoongesteld.”

Voorts vraagt MzM een fundamentele reflectie met alle betrokken partijen over de inzet van een nationaal museum voor moderne kunst in Brussel. Ook een juiste en up-to-date informatie van de publieke opinie van de stand van zaken van het dossier staat op het verlanglijstje.

Voor MzM moet er een oplossing komen vóór februari 2016, dat is vijf jaar na de sluiting voor het museum, “die hem zijn rechtmatige plaats teruggeeft in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB).”

MzM bestaat uit docenten, kunstenaars, cultuurverantwoordelijken en andere burgers. “Wij vinden deze sluiting onzinnig. Ze strookt niet met de doelstellingen van de KMSKB : het bewaren, tonen en duiden van de kunstwerken die hen zijn toevertrouwd, “aldus MzM.

Directeur Michel Draguet kondigde vier jaar geleden de sluiting aan van de afdeling moderne kunst van de KMSKB. In de plaats kwam het Fin-de-Sièclemuseum.

Brusselnieuws. EVC © brusselnieuws.be. 08/02/2015
 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Brusselnieuws, Pers en media

In Brussel is het Museum voor moderne kunst reeds 4 jaar gesloten.

Communiqué – 8 februari 2015

De burgerbeweging Musée sans Musée/Museum zonder Museum bestaat vier jaar. Ze ontstond uit de verontwaardiging over het feit dat de verzameling moderne en hedendaagse kunst van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in februari 2011 zomaar in de reserves verdween. Docenten, kunstenaars, cultuurverantwoordelijken en veel burgers vonden deze sluiting onzinnig en niet strokend met de doelstellingen die behoren tot de KMSKB : het bewaren, tonen en duiden van de kunstwerken die haar zijn toevertrouwd.

De sluiting van het Museum voor moderne kunst ontneemt het publiek sinds vier jaar de mogelijkheid kennis te maken met een verzameling van hoge kwaliteit. Wij denken vooral aan jongeren, leerlingen en kunststudenten die verplicht zijn musea in eigen land of het buitenland te bezoeken. Dit is een beschamende situatie gezien het huidige klimaat waarin culturele instellingen, hier en elders, op zoek zijn naar creatieve middelen om hun patrimonium aan het meest diverse publiek te presenteren.

MsM/MzM vecht ook ten stelligste de recente logica aan van de « pastilles musea » : Magrittemuseum, Fin-de-sièclemuseum (ongelukkige benaming). Wij pleiten voor de reïntegratie van de verzameling 20ste en 21ste eeuw in de museumzalen op basis van een coherent, pertinent en uitdagend museaal verhaal. Een publieke culturele instelling kan en mag zijn museumpolitiek niet afhankelijk maken van commerciële in plaats van wetenschappelijke doeleinden. Er zijn steeds meer private centra voor hedendaagse kunst in Brussel. Dit fenomeen kan alleen maar profiteren van een publiek museaal aanbod van hoge kwaliteit.

Mevrouw Elke Sleurs is sinds 2011 de vijfde persoon verantwoordelijk voor wetenschapsbeleid. Haar voorgangers zijn nooit verder geraakt dan intentieverklaringen. De Staatssecretaris benadrukt de noodzakelijke deelname van de Federale Wetenschappelijke Instellingen aan de budgettaire gezondmaking. Maar voor MSM/MZM hebben de KMSKB vooral dringend nood aan een museale herinvestering : beheer van de gebouwen, renovatie, modernisering, kwaliteit van de publiekswerking, enz. De elementen die doorsijpelen gaan, zo menen wij, in de richting van onze bezorgdheden.

MsM/MzM herhaalt zijn vragen die ongewijzigd zijn sinds februari 2011. Deze betreffen vooral het Museum voor moderne kunst, ook al is dit niet het enige dringende dossier binnen de KMSKB :

  • De snelle heropening van het Museum voor moderne kunst d.w.z. het publiek tentoonstellen van de verzameling, sinds 2011 ontoegankelijk, in de beste museale omstandigheden.
  • De snelle uitvoering van een kwaliteitsvolle tijdelijke oplossing in afwachting van een definitieve heropstelling.
  • Een fundamentele reflectie – colloquium of raadplegingen – met alle betrokken partijen (inclusief niet-institutionele) over de inzet van een nationaal museum voor moderne kunst in Brussel. Daaraan gekoppeld het nodige prospectiewerk : de verderzetting van de logica van « musea binnen een museum » of de keuze voor een andere samenhang ?
  • Het juist en ononderbroken informeren van de publieke opinie betreffende de ontwikkeling van het dossier wat meteen een manier is om de bevolking te sensibiliseren voor politiek-culturele vragen. Een opdracht dus, voor de politiek.

De recente debatten over budgettaire bezuinigingen in het culturele veld geven ons de gelegenheid te herhalen hoezeer cultuur, naast het feit dat het zin en verbondenheid creërt- en dat is geen onbeduidend detail in de huidige context – ook een machtige economische factor is.   Een museum waarvan de meerderheid van de werken zich in de reserves bevindt, kan zich deze dynamiek uiteraard niet aanmeten.

Wij pleiten dus voor een oplossing die, vóór februari 2016, zijnde 5 jaar na de sluiting, het Museum voor moderne kunst haar rechtmatige plaats teruggeeft temidden van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.

MSM-MZM,

en de duizenden die de petitie ondertekenden overhandigd aan minister P. Magnette (feb. 2012), al diegenen die regelmatig deelnamen aan de manifestaties in het museum waaronder veel kunststudenten, al diegenen die de actualiteit rondom het Museum voor moderne kunst volgen via de blog van MsM en van MzM en via facebook…

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Mededelingen van MzM

Sleurs: ‘Draguet moet zich loyaal opstellen’

Michel Draguet, directeur van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten (KMSKB), “moet zich loyaal opstellen ten aanzien van zijn voogdijminister”. Dat kreeg Draguet woensdag te horen op het kabinet van staatssecretaris Elke Sleurs (N-VA). Met andere woorden: hij krijgt een spreekverbod ten aanzien van de pers.

Draguet vroeg een afspraak met zijn voogdijminister, Elke Sleurs, na haar ophefmakende verklaring in de media vorige week dat het Fin-de-Sièclemuseum dicht moet. Het zou de baan moeten ruimen voor de collectie moderne kunst van de KMSKB, die in het depot opgeborgen zit. Draguet is de initiatiefnemer van het Fin-de-Sièclemuseum.

Draguet, die meer duidelijkheid wou, heeft die niet gekregen. Afhankelijk van de bron duurde het onderhoud op het kabinet 15 dan wel 30 minuten. Elke Sleurs kreeg hij niet te zien, want die werd in het parlement verwacht. “De planning van het parlement is veranderd”, zegt Sleurs’ woordvoerder daarover.

Spreekverbod
Van haar kabinetschef Greet Claes kreeg Draguet te horen “dat hij zich loyaal moet opstellen ten aanzien van zijn voogdijminister”. Geen verklaringen meer in de pers dus. Voor vragen moet hij doorverwijzen naar het kabinet.

Draguet kreeg dus een spreekverbod opgelegd. Hij heeft daar zelf ervaring mee, aan de andere kant van het spectrum: het personeel van het Muziekinstrumentenmuseum (MIM) kloeg twee jaar geleden steen en been over het feit dat Draguet een spreekverbod had opgelegd aan het personeel, toen het kritiek had op Draguets plannen om het MIM uit het Old England gebouw te halen.

Na de storm van protest over de mogelijke sluiting van het Fin-de-Sièclemuseum zei Sleurs in de Kamer vorige week dat er mogelijk plaats is voor én de collectie moderne kunst én de collectie van het Fin-de-Siècle. Een ruimte van een paar duizenden vierkante meter in een zijvleugel van het museum staat al jaren leeg. Dat komt omdat de renovatiewerken door de Regie der Gebouwen tergend traag vooruitgaan. Wanneer die werken klaar zullen zijn, is onduidelijk.

‘Constructief gesprek’
Of het Fin-de-Sièclemuseum nu kan blijven of niet, en bij uitbreiding, of hij op lange termijn aan het hoofd kan blijven van de KMSKB, daar heeft Draguet woensdag niets over vernomen. En als hij het wel had vernomen, dan mocht hij er in elk geval niets over zeggen.

Officieel luidt de communicatie van beide kanten “dat er een constructief gesprek heeft plaatsgevonden dat zal worden voortgezet”.

Dat de verhouding tussen federaal staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Elke Sleurs (N-VA) en Michel Draguet niet optimaal is, is al langer bekend. Sleurs verwijt Draguet, die een PS-etiket heeft, grove onbekwaamheid in het beheer van de federale musea.

Woordvoerder Luc Demullier bevestigt aan brusselnieuws.be dat Sleurs de optie bestudeert om zowel oude, moderne en hedendaagse kunst én het Fin-de-Sièclemuseum (of de collectie ervan) in het gebouw van de KMSKB aan de Regentschapsstraat te huisvesten. In de Kamer zei Sleurs woensdagavond dat deze piste haar voorkeur geniet. Demullier ontkent dat Sleurs daarmee een bocht nam. De verhuis van de collectie moderne kunst naar de Citroëngarage, daar is en blijft voor Sleurs geen sprake van.

Sleurs plant in januari overleg met de verschillende ministers van Cultuur van de deelstaten. Wordt vervolgd dus.

 

Eric Vancoppenolle © brusselnieuws.be. 17/12/2014

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Brusselnieuws, Pers en media

Museumbaas Draguet: ‘Regering-Michel moét besparingen terugschroeven’

Michel Draguet, conservator van de musea aan de Kunstberg: 'Waarom zouden wij meer moeten besparen dan Bozar?' © Photo News Michel Draguet, conservator van de musea aan de Kunstberg: ‘Waarom zouden wij meer moeten besparen dan Bozar?’ © Photo News

Ontslagen, minder expo’s en in het worstcasescenario een extra sluitingsdag. Dat staat de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België te wachten als de regering-Michel voet bij stuk houdt met haar besparingsplannen, zegt museumbaas Michel Draguet.

Michel Draguet is het grondig beu dat zijn naam telkens weer genoemd wordt in combinatie met de begrippen ‘mismanagement’ en ‘politieke benoemingen’. Ja, hij draagt zijn hart links, zegt de Brusselaar terwijl hij ons in zijn bureau op de Kunstberg in Brussel een document onder de neus duwt met zijn verwezenlijkingen als manager van Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB). ‘Maar mijn museum en de andere federale wetenschappelijke instellingen afdoen als PS-bastions, zoals bepaalde politici (van de N-VA, red.) de voorbije dagen tot vervelens toe hebben beweerd, is oneerlijk en onjuist. Gelooft u nu echt dat het hier volloopt met politiek benoemden?’

Maar nog meer dan aan de verwijten over zijn politieke kleur ergert Draguet zich aan de aantijgingen over het wanbeheer van zijn museum, dat volgend jaar meer dan 700.000 euro van zijn federale dotatie moet inleveren. ‘Mismanagement? Toon het mij!’, zegt hij. ‘Van financieel wanbeheer is geen sprake – integendeel. Tussen 2003 en 2013 is ons budget verdubbeld (van 6 naar 12 miljoen, red.), terwijl onze dotatie slechts lichtjes is toegenomen. Subsidies bedragen nog maar een derde van ons budget, tegenover de helft in 2003. De voorbije jaren hebben we fors moeten inleveren van de federale staat, en straks komt daar nog eens bijna 20 procent bovenop. Daartegenover staat wel dat ons bezoekersaantal het voorbije decennium is verdubbeld naar 600.000 per jaar. Het Fin-de-Siècle museum klokt in zijn eerste levensjaar waarschijnlijk af op 150.000 bezoekers.’

Impact

De timing voor zijn verdediging is niet toevallig. Draguet maakt zich grote zorgen over de aankomende besparingen. Zoals alle federale instellingen moet het KMSKB volgend jaar zo’n 20 procent besparen: 4 procent op personeel en 20 procent op werkingskosten. Voor zijn instelling komt dat neer op 720.000 euro in 2015. ‘In 2013 en 2014 werd al 11 procent bespaard op onze dotatie. De voorziene inkrimping voor 2015 is niet meer haalbaar zonder gevoelige impact op onze missie.’

Over wat dat concreet betekent, worden verschillende scenario’s onder de loep genomen. ‘We riskeren twintig mensen op straat te moeten zetten. Maar dat wil ik te allen prijze vermijden. Hoe? Vanaf december zijn onze musea in het weekend een uur langer open om extra bezoekers te kunnen ontvangen. We onderzoeken ook de mogelijkheid van een extra sluitingsdag tijdens de week, of een andere sluitingsdag dan maandag. Dat zou een drastische beslissing zijn, maar we kunnen misschien niet anders. We bestuderen ook een goedkopere bewaringstechniek voor onze kunstwerken, zonder dat de kwaliteit van de werken in het gedrang komt. Onvermijdelijk zal in het expo-aanbod worden geschrapt. In 2015 gaan zeker twee geplande expo’s niet door omdat het kostenrisico te hoog is.’

Maar Draguet hoopt dat de federale regering bijdraait. Minister Didier Reynders (MR), bevoegd voor federale kunstinstellingen, gaat de verwachte besparingen voor Bozar, De Munt en het Nationaal Orkest van België halveren. ‘Ik hoop dat onze staatssecretaris (Elke Sleurs (N-VA) van Wetenschapsbeleid, red.) dezelfde plannen heeft. Waarom zouden wij meer moeten besparen dan Bozar? Wij zijn vergelijkbare instellingen: Bozar heeft ook een museale opdracht.’

Citroën

Een uitnodiging van Sleurs kreeg Draguet nog niet. Als het zo ver komt, zal het in dat onderhoud zeker ook gaan over een ander prangend dossier: het ‘Citroënmuseum’. De Brusselse regering wil in de Citroëngarage aan het Brusselse kanaal een museum voor moderne en hedendaagse kunst onderbrengen, met werken uit de depots van Draguet. De N-VA is niet gewonnen voor dat idee. De regering-Michel wil liever investeren in de infrastructuur van de federale musea, om op termijn een collectie zoals moderne kunst te kunnen tonen in het Jubelpark.

Draguet sluit zich aan bij de federale visie. ‘Ik kan begrijpen dat de Brusselse regering wil investeren in de kanaalzone. Maar een museum voor hedendaagse en moderne kunst is het best op zijn plaats in het Jubelpark. Het is een symbolische plek: historisch voor ons land en door de nabijheid van de Europese instellingen. Ik ben voorstander van een nieuw gebouw in het Jubelpark. In afwachting kan onze modernekunstcollectie terecht in het Vanderborghtgebouw in hartje Brussel. Dat is mijn mening, de federale en de Brusselse regering moeten er samen uitgeraken. Ik voer uit wat zij beslissen. Ik ben maar een ambtenaar.’

 Thomas Peeters, De Tijd, 06 november 2014 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, De Tijd, Pers en media

Sjacheren met kunst in Brussel

Staatssecretaris Elke Sleurs (N-VA) begeleidt ‘kunstpaus’ Draguet naar de uitgang

©Stefaan Temmerman

Op de Brusselse kunstscène hebben N-VA en PS een nieuw slagveld gevonden. Voor staatssecretaris Elke Sleurs (N-VA) moet de heerschappij van de Brusselse museumdirecteur Michel Draguet, niet meer al te lang duren. Sleurs zet het Fin- de-Sièclemuseum en de Citroën-garage van de PS-vriend op de helling.

Welk lot is museumdirecteur Michel Draguet beschoren?

©Stefaan Temmerman

Die directeur neemt constant foute beslissingen en wil vooral zijn persoonlijke ambities waarmaken

Elke Sleurs, staatssecretaris

Uiteraard heeft deze politieke kunstsaga zijn eigen cultuurpaus: Michel Draguet. Voor de ene is hij een visionaire museumdirecteur, voor de andere een sjoemelende (PS-)apparatsjik eerste klas. Draguet staat aan het hoofd van de Musea voor Schone Kunsten, en het brein achter het Magrittemuseum en Fin-de-Sièclemuseum.

Tegenstanders verwijten hem dat in 2013 de tentoonstelling rond Rogier van der Weyden letterlijk in het water viel en internationale samenwerkingen rond Gustav Klimt en het Parijse surrealisme afsprongen. Voor staatssecretaris Elke Sleurs (N-VA), die hem ‘wanbeleid’ en ‘mismanagement’ aanwrijft, moet de man in elk geval niet meer al te lang aanblijven.

“Die directeur neemt constant foute beslissingen en wil vooral zijn persoonlijke ambities waarmaken”, zegt de N-VA-staatssecretaris. “Door hem is de financiering van grote tentoonstellingen fout gelopen, is er slecht omgesprongen met het mecenaat van AB Inbev ter waarde van anderhalf miljoen euro, en staat er een grote collectie te verrotten in de kelders. Ik erf een wespennest door hem en moet orde op zaken stellen.”

Volgend jaar plant Sleurs een audit van de musea waar Draguet de plak zwaait. Of een extern bureau die doorlichting zal uitvoeren, is nog niet beslist. “Wat er met Draguet moet gebeuren, is een cruciale vraag. Hij zal worden beoordeeld op basis van objectieve criteria en daar zal ik de nodige conclusies uit trekken. Dit hele dossier wordt gepresenteerd als een politieke afrekening, maar dat is het niet. Iedereen die iets van kunst kent, heeft kritiek op die man.”

Waar moet de collectie van moderne kunst heen?

Even terug naar 2011, het begin van de vete tussen PS en N-VA, waarvan Draguet het middelpunt vormt. De collectie van het Museum voor Moderne Kunst verdwijnt dan naar een ondergronds depot. Een tijdelijke oplossing, want de Brusselse gewestregering wil ze later onderbrengen in het Vanderborghtgebouw in de Schildknaapstraat.

Voor de renovatie van dit vroegere festivalcentrum is al een studie besteld van 750.000 euro en de herinrichting is begroot op 7,5 miljoen euro. De moderne kunstcollectie zou daar even een onderkomen krijgen tot de Citroëngarage omgevormd is tot een Brussels Tate Modern, wat hét prestigeproject moet worden van de verwaarloosde Kanaalzone. Met die doorschuifoperatie negeert de Brusselse gewestregering wel een belangrijk feit: ze verschuift een kunstcollectie die niet van haar is, maar van de federale regering, tussen verschillende gebouwen.

Ik wil graag dat alle collecties van de Koninklijke Musea samen blijven en een opwaardering krijgen

Elke Sleurs, staatssecretaris

Die ‘rechtmatige eigenaar’ heeft andere plannen met de collectie. Sleurs wil de kunstwerken weer verhuizen naar hun oorspronkelijke locatie van voor 2011 (het Museum voor Moderne Kunst). “De Citroëngarage is een piste van het Brussels Gewest”, zegt ze. “Dat doet aan bevoegdheidsoverschrijding, ik niet. Mag ik er ook even op wijzen dat Brussel niet eens bevoegd is voor cultuur? Het lijkt nu alsof ik Brussel een nieuw museum misgun, maar ik misgun niemand iets. Dit is de wereld op zijn kop. Ik wil graag dat alle collecties van de Koninklijke Musea samen blijven en een opwaardering krijgen. Daarom moet de collectie met moderne kunst niet langer staan te rotten in de kelder, maar weer in ere worden hersteld.”

Waar Sleurs dan weer aan voorbij gaat, is dat in die oorspronkelijke museumzalen nu het Fin-de-Sièclemuseum huist. Dat museum zou dus moeten sneuvelen voor de komst van de oude collectie van het Museum voor Moderne Kunst. “Voor ons is het ondenkbaar dat we het Fin-de-Sièclemuseum moeten sluiten”, zegt de persattaché van Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België. “Dat zou echt helemaal te gek zijn.”

Om het nog ingewikkelder te maken: de kern van het Fin-de-Sièclemuseum is de collectie Gillon-Crowet, en die voormalige privécollectie is wel in handen van het Brussels Hoofdstdelijk Gewest. Dat kocht de verzameling art nouveau-kunst in 2007 voor 22 miljoen euro, wat – alweer volgens N-VA – een schromelijke overschatting is van haar echte waarde.

Komt er dan nog een museum voor moderne kunst in de Citroëngarage?

 Ja, maar het is onduidelijk wat die zal inhouden. Brussels minister- president Rudi Vervoort (PS) wil koste wat kost nog deze legislatuur zijn ‘Guggenheim’ aan de Sainctelettesquare openen. Als de federale collecties daar niet heen kunnen, maakt de Brusselse regering zich sterk dat ze wel zal kunnen putten uit andere collecties. Die kunstschatten van – pakweg – Belfius, ING of KBC en andere privéverzamelaars zouden de gigantische zalen van de Franse autogarage moeten vullen. Eind dit jaar wil Vervoort alvast de verkoop van de garage rond hebben.

De Brusselse regering maakt van zichzelf graag het slachtoffer in dit dossier. “Ik weiger dat #Brussel gegijzeld wordt door intern communautair getwist in de federale regering #begov #brugov”, tweette Vervoort gisteren. Hij verwijst er dan naar dat N-VA’ster Elke Sleurs het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in ere wil herstellen, en Didier Reynders graag een museum in het Jubelpark propageert. Gemakshalve vergeet hij er wel bij te zeggen dat hij een collectie claimde voor zijn Museum aan het Kanaal die eigendom is van de federale regering.

Waar blijft de visie?

Er is een gebrek aan engagement en visie, en het zou me verbazen als dat er tijdens dit politieke bestel nog zal komen

Wouter Davidts, hoofd Vrije Kunsten aan Sint Lucas Antwerpen

In essentie botsen hier twee verschillende visies op kunst en cultuur. De staatssecretaris hangt een meer traditionele visie aan, waarbij een museum een totaaloverzicht kan bieden van alle kunststromingen door de eeuwen heen. Draguet kiest voor themamusea, getuige het Fin-de-Sièclemuseum en het Magrittemuseum, over kantelmomenten in de kunstgeschiedenis.

Omdat de collecties en de gebouwen versnipperd zijn over de twee niveaus, wordt geen definitieve keuze gemaakt voor deze of gene visie en blijft het morsen met erfgoed in Brussel.

“Of dat museum er nu komt in het Citroëngebouw of niet, lost het oorspronkelijke probleem niet op”, zegt Wouter Davidts, hoofd Vrije Kunsten aan Sint Lucas Antwerpen en docent aan de Vakgroep Architectuur & Stedenbouw van de Gentse universiteit. “Het gebouw is in dit stadium zelfs bijzaak. Er is een gebrek aan engagement en visie, en het zou me verbazen als dat er tijdens dit politieke bestel nog zal komen. Er is structureel geen aandacht voor moderne kunst in Brussel, en het is een gotspe dat dit nu nog kan. Iedereen laat weleens een ballonnetje op, maar er is gewoon geen gemeenschappelijk verhaal.”

TINE PEETERS, De Morgen, 10-12-14

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, De Morgen, Non classé, Pers en media

‘Fin-de-Siècle moet weg, geen moderne kunst naar Citroën’

Het Fin-de-Sièclemuseum moet weg uit het gebouw van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten. En de collectie moderne kunst van het KMSKB gaat niet naar de Citroëngarage. Dat heeft staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Elke Sleurs (N-VA) beslist.

De collectie Moderne Kunst mag niet naar de Citroëngarage van Elke Sleurs. (© Peter Forret)

In de beleidsnota die ze vandaag dinsdag in de Commissie Wetenschapsbeleid van de Kamer voorstelt, formuleert federaal staatssecretaris Elke Sleurs het voorzichtig. “Het regeerakkoord vermeldt het volgende: ‘Renovatie en instandhouding van de huidige waardevolle infrastructuren hebben prioriteit ten opzichte van nieuwe initiatieven.’ […] Daarom wordt onderzocht hoe de collectie moderne kunst van de KMSKB weer in het eigen gebouw (in de Regentschapsstraat, red.) kan worden geïntegreerd”.

In De Standaard dinsdag luidt het krachtiger. De collectie van het Fin-de-Sièclemuseum moet weg uit het gebouw van de KMSKB. In de plaats moet de collectie moderne en hedendaagse kunst er opnieuw worden tentoongesteld. Die collectie gaat dus niet naar het Citroëngebouw. Het kabinet van Elke Sleurs bevestigt dit aan brusselnieuws.be.

‘Museum niet op basis van voorkeuren van directeur’
“Het gebouw aan de Regentschapsstraat is ontworpen om er het museum voor moderne kunst in onder te brengen”, zegt Sleurs’ woordvoerder Luc Demullier. “De collectie van het Fin-de-Sièclemuseum moet dan maar elders onderdak krijgen. De invulling van de KMSKB moet gebeuren op basis van museale criteria, niet op basis van de voorkeuren van de directeur”, zegt Demullier.

Hij verwijst daarmee naar Michel Draguet, directeur van de KMSKB. Die speelde een voortrekkersrol in de deal waarbij het Brussels Gewest de art-nouveaucollectie van de familie Gillon-Crowet kreeg ter betaling van de successierechten. Die werd toen geschat – volgens de N-VA overschat – op 22 miljoen euro. De art-nouveaucollectie van de familie Gillon-Crowet is maar een deel – een belangrijk deel weliswaar – van het Fin-de-Sièclemuseum. Er zijn ook stukken afkomstig uit de collectie van de Musea voor Schone Kunsten zelf, uit de Koninklijke Bibliotheek, uit het Jubelparkmuseum en uit de collecties van de Muntschouwburg.

De collectie Gillon-Crowet van het Gewest hoort niet thuis in een gebouw van de federale overheid, luidt Sleurs’ redenering. Bovendien kan op die manier de collectie oude en moderne kunst in één gebouw worden herenigd, en krijgt de bezoeker een algemeen overzicht van de kunststromingen.

De verhuisoperatie, die als het van Sleurs afhangt al in 2015 zou mogen gebeuren, houdt dus ook in dat de collectie moderne kunst van de KMSKB niet naar het Citroëngebouw aan de Sainctelettesquare komt. Het Brusselse Gewest, en meer bepaald minister-president Rudi Vervoort (PS), kondigde vóór de verkiezingen aan dat daar een nieuw museum voor moderne en hedendaagse kunst zou komen, met de collectie moderne kunst van de KMSKB. Die vlieger gaat dus niet op.

Maar het Gewest geeft het plan om kunst onder te brengen in het Citroëngebouw nog niet op. Brussel onderhandelt daarover met andere partners. De collectie van de Belfiusbank is een mogelijke piste.

KMSKB: ‘Geen contact gehad met Sleurs’
Bij het KMSKB valt de door Elke Sleurs aangekondigde sluiting van het Fin-de-Sièclemuseum als een donderslag bij heldere hemel. “Staatssecretaris Elke Sleurs heeft geen enkel contact gehad met ons over haar plannen”, zegt de persattaché van het museum.

 

http://www.brusselnieuws.be/nl/nieuws/fin-de-siecle-moet-weg-geen-moderne-kunst-naar-citroen

Eric Vancoppenolle. © brusselnieuws.be.  09/12/2014

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Brusselnieuws, Pers en media

‘Museum in Citroëngarage wordt duizelingwekkend duur’

‘Renoveer eerst de bestaande musea in Brussel vooraleer miljoenen te pompen in een nieuw museum voor moderne kunst. Dat kan onderdak krijgen in het Museum voor Schone Kunsten.’ Dat zegt Werner Adriaenssens van het Jubelparkmuseum.

De Citroëngarage aan het kanaal. (© Brussel Bad)

Onder de titel ‘Een garage is geen museum’ trekt Adriaenssens van leer tegen het plan van het Brussels Gewest om het museum voor moderne en hedendaagse kunst in de Citroëngarage aan de Sainctelettesquare te vestigen. Hij is conservator in het Koninklijk Museum voor Kunst en Geschiedenis (KMKG) en docent kunstwetenschappen aan de VUB.

Eerste reden is dat men een garage niet zomaar verandert in een museum, tenzij er een duizelingwekkende investering komt voor klimaatregeling en isolatie.

Een andere fundamentele reden is dat bij de bestaande federale kunstmusea in Brussel – het KMSKB en het KMKG – de nood aan renovatie van het gebouw zeer hoog is. Volgens Adriaenssens is er in het gebouw van Schone Kunsten meer dan plaats genoeg om het museum in te herbergen.

De discussie rond het museum voor moderne kunst is actueel sinds de sluiting van de begin 2011 van de afdeling moderne kunst van het KMSKB door directeur Michel Draguet.

Adriaenssens vindt het stuitend dat de discussie enkel gaat over de keuze van een gebouw, terwijl het museale aspect niet aan bod komt. Hij stelt ook “profileringsdrang en gebrek aan kennis” vast bij politici. Hij verwijst naar Vlaams parlementslid voor Brussel Yamila Idrissi (SP.A) die voor de Ninoofsepoort opteert als stedelijk project en minister-president Rudi Vervoort (PS) en ‘zijn’ Citroëngarage. En dan is er nog Michel Draguet die voor een nieuw museum pleit in het Jubelpark.

© brusselnieuws.be, Brussel-Stad, 01/12/2014

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Brusselnieuws, De Standaard, Non classé, Pers en media

Het antwoord van de politieke partijen op de vragen van MzM

MzM ondervroeg de politieke partijen in verband met de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België en met de sluiting van het Museum voor Moderne Kunst. (E-mail verzonden op 6 april). Hier de antwoorden op de verschillende vragen.

De antwoorden van de Franstalige partijen.

 

1. Museum

Een museum is « een permanente instelling, niet gericht op het behalen van winst, die ten dienste staat van de samenleving en haar ontwikkeling. Een museum verwerft, behoudt, onderzoekt, presenteert, documenteert en geeft bekendheid aan de materiële getuigenissen van de mens en zijn omgeving, voor doeleinden van studie, educatie en genoegen».  Deze definitie van de ICOM is een internationale referentie.

De sluiting van het Museum voor Moderne Kunst en van een groot deel van het Museum voor Oude Kunst versnippert de verzamelingen : deze willekeurige en eenzijdige beslissingen staan haaks op de doelstellingen van het museum. Zij passen niet binnen het kader van een noodzakelijke bestuurlijke autonomie en dienen gecontroleerd en eventueel parlementair gesanctioneerd te worden.

De term ‘museum’ zal niet meer gebruikt worden om het toekomstige Museum voor Moderne Kunst aan te duiden ! Het zal vervangen worden door de vreemde aanduiding ‘Post Modern Lab’ : een manier om de betekenis en doelstellingen van het museum te laten verwateren.

Vragen : maken de doelstellingen van de federale musea en van de KMSKB deel uit van uw politiek project ?
– Indien ja, welke maatregelingen zal u nemen opdat deze doelstellingen op exemplarische wijze worden nagestreefd ?
– Indien neen, waarom niet ?

CD&V [1]

CD&V is overtuigd dat het bestuur van de Federale Wetenschappelijke Instellingen, waar ook de federale musea deel van uitmaken, beter kan. Daarom werd in het programma opgenomen dat de instellingen zowel meer verantwoording moeten afleggen voor de keuzes die gemaakt worden als meer zelfstandigheid moeten hebben om een aangepast beleid te kunnen voeren.

Daarnaast dienen sommige instellingen, zoals ook de musea, beter samen te werken om specifieke schaalvoordelen te bekomen. Dit kan bijvoorbeeld door bepaalde ondersteunende diensten samen te voegen. Om de schaalvoordelen te bereiken, moet niet enkel gekeken worden naar de Federale Wetenschappelijke Instellingen maar ook naar de Federale Culturele Instellingen of andere culturele instellingen waar een samenwerking opportuun is.

Het streven naar efficiëntie en schaalvoordelen mag echter de specificiteit van de afzonderlijke instellingen niet in gevaar brengen.

GROEN [2]

Ja, we hebben in ons programma de volgende passage opgenomen:
1. De federale wetenschappelijke en culturele instellingen zijn zowat de verweesde kinderen van het cultuurbeleid. Ze verdienen een eigen minister en een krachtig beleid. We zouden zelfs durven spreken van een noodplan. Dat moet hen voldoende middelen garanderen maar hen ook aansporen om hun middelen efficiënt aan te wenden om hun taken waar te maken in de brede culturele, bibliotheek- en archiefsector. (F)
2. Een actieve samenwerking is nodig met instellingen en organisaties uit de gemeenschappen op het vlak van internationale projecten, studiewerk, onderzoek en innovatie ten bate van de cultuursector en de informatiesector. De informatie die de  instellingen beheren, moet toegankelijk zijn en blijven voor het brede publiek. (F)
3. De Koninklijke Bibliotheek moet haar rol als nationale bibliotheek ten volle waarmaken en een coördinerende en stimulerende rol opnemen voor de bibliotheken in België̈. Dat gebeurt nu onvoldoende. (F)
4. De federale en de Gemeenschapsinstellingen hebben belangrijke gezamenlijke troeven. We kunnen ze betrekken bij het kunstenbeleid (Opera, Bozar …) en bij museumbeleid als Vlaanderen in de toekomst naast de erkenning van musea ook ‘collecties’ laat spreken en ze erkent/beschermt. Dat zou helpen bruggen te bouwen. Ook de samenwerking met IRPA-KIK is cruciaal. Daar zit dé expertise inzake restauratie en behoud. (F) (V)

N-VA[3]

Maatregelen om deze doelstellingen op exemplarische wijze na te streven?

De twee federale kunstenmusea worden ondermaats bestuurd. Nochtans kunnen ze de motor zijn voor andere musea. We zijn daarbij gekant tegen elke vorm van verdere versnippering van onze twee kunstenmusea. De site van de Kunstberg omvat 50.000 m² en kan dus voldoende plaats bieden om het hele beeldende kunsten-overzicht te geven van oude meesters over hedendaagse en moderne kunst. En dit volgens moderne museologische normen.

Topstukken moeten getoond worden, er moet overzicht gecreëerd worden en ook digitaal tentoonstellen hoort daarbij. Tijdelijke tentoonstellingen kunnen inzoomen op een bepaald thema of een bepaalde invalshoek om de link met het heden of met hedendaagse maatschappelijke thema’s aan bod te laten komen. Eerst moet ingezet worden op het goed beheer van wat bestaat, vooraleer we al dan niet kunnen inzetten op een een nieuw museum.

Voor de N-VA zijn thema’s als erfgoed, de wisselwerking van de Vlaamse en federale musea en bewaring essentieel in het cultuurbeleid. Het betreft zowel het onroerend en het roerend erfgoed, hoe omgaan met de kroonjuwelen in de federale musea, het erfgoeddecreet, archieven, volkscultuur en culturele topstukken.

Open VLD [4]

Natuurlijk maken én de doelstellingen én onze dierbare collecties deel uit van het liberale politieke project. Kunst is een uiting van een mens en alleen daarom al moet kunst gekoesterd worden. Er moeten verschillende maatregelen genomen worden en dit over de communautaire grenzen heen. Kunst kent nu eenmaal geen grenzen, kunst is universeel!

Het einddoel moet zijn dat zoveel als mogelijk van onze collecties kan getoond en gezien worden. Kunst is iets wat je moet kunnen zien, voelen, ruiken. Kunst hoort niet thuis in een depot. Echter door de budgettaire toestand was het niet mogelijk om op vlak van de musea veel middelen vrij te maken. Vandaar dat samen met de gemeenschappen en de gewesten de krachten moet gebundeld worden om de collecties tentoon te stellen.

De mogelijkheid die de Brusselse regering aanbiedt om in 2017 een museum voor hedendaagse kunst te realiseren op het Ijzerplein ( Citroën gebouw) is een mooi voorbeeld.

sp.a *

 

2. Debat

De verdwijning zonder meer van de verzameling moderne kunst en de talrijke disfunctioneringen – de massale sluiting van de museumzalen, ernstige incidenten in verband met de conservatie van de werken, de vroegtijdige sluiting van de tentoonstelling Van der Weyden – veroorzaken terechte reacties, zelfs woede, in vele sectoren van de publieke opinie. Ze werden naar buiten gebracht door MzM, de pers en verschillende parlementairen.

In 2012 heeft Minister Paul Magnette, op dat ogenblik bevoegd voor Wetenschapsbeleid, de actoren uit de kunstwereld geconsulteerd (kunstenaars, docenten, conservatoren, journalisten, galeriehouders, verzamelaars, verantwoordelijken van verenigingen, architecten, ministers van cultuur) om hun visie te kennen in verband met  « een groot centrum voor moderne en hedendaagse kunst ». Hij deed de belofte de verschillende bijdragen te publiceren.  

Vragen : verdienen de toekomst en het bestuur van de KMSKB en van een Museum voor Moderne en Hedendaagse  Kunst in Brussel een openbaar debat ?
– Indien neen, waarom niet ?
– Indien ja, waar, onder welke vorm en met welke partners zou u dit debat willen voeren ?

CD&V

De oefening die Minister Magnette in 2012 lanceerde, werd met goede bedoelingen gestart. De volgende regering moet dit werk verder zetten, zodat de conclusies van de consultatie niet verloren gaan.

Een openbaar debat over een Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst in Brussel kan best op een gestructureerde manier gebeuren waar alle mogelijke actoren aan bod kunnen komen.

Een openbaar debat kan vele goede en creatieve ideeën naar voor brengen. De overheid zal echter rekening moeten houden met een aantal beperkingen. De plannen die voortspruiten uit een openbare consultatie zullen dus realistisch moeten zijn naar timing en haalbaar op vlak van de middelen.

GROEN

Ja, zo’n debat is noodzakelijk. De collecties van de federale musea zijn rijk en zeer waardevol. We moeten ze beter ontsluiten. Het debat moet breed gevoerd worden: met stakeholders van de federale musea zelf, met andere musea in het land, met de ministers van Cultuur, de federale overheid, en alle geïnteresseerde burgers.

N-VA

Uiteraard is een publiek debat hierover altijd verrijkend. De N-VA pleit daarbij voor de nodige transparantie in beleid en bestuur van deze musea. Objectieve evaluaties dringen zich op. Zowel de administratie als de politici moeten hun verantwoordelijkheid opnemen. In dat opzicht is het opmerkelijk dat toenmalig minister Magnette in 2012 met de betrokken actoren heeft gesproken, maar dat het relaas hiervan niet publiek is gemaakt.

Het schrijven van een cultuurbeleid is een traject van terugblikken en van vooruitkijken: wat willen we behouden, wat willen we vernieuwen? De uitdaging is om nieuwe kansen te creëren en het vertrouwen van de culturele scene te winnen, en tevens een constructieve samenwerking met de administratie in stand te houden.

Open VLD

Er is geen twijfel mogelijk er moet een groot debat komen over de federale musea én de werking én de noden van deze musea. Dit kan de vorm aannemen van rondetafelgesprekken, dan ga je er namelijk van uit dat iedereen gelijkwaardig is, want de toekomst van musea is niet iets wat zomaar door de beleidsmakers kan opgelegd worden zonder grondige consultatie van iedere stakeholder. Zoals reeds gesteld moeten alle beleidsniveaus uitgenodigd worden om in debat te gaan. Er zijn nu reeds beslissingen genomen om onderdak te geven aan een museum voor hedendaagse kunst in de Citroën garage.

Maar nu deze klip genomen is, betekent dit niet dat de problemen van de baan zijn. Het is hoog tijd dat alle actoren uit de kunstwereld samen met de politieke samen rond de tafel gaan zitten, en dit rond concrete projecten zoals financiering, hoe veilig tentoonstellen en wat tentoonstellen.

 

3. Gebouwen, zalen en verzamelingen

De aankondiging om de verzamelingen moderne kunst onder te brengen – op voorlopige basis en op een niet nader bepaald tijdstip –  in het Vanderborght-gebouw zegt niets over de projecten betreffende het gebouw van de KMSKB aan de Regentschapsstraat waar de meerderheid van de zalen om diverse redenen sinds jaren gesloten zijn. Het zegt ook niets over het lot van de verzameling oude kunst waarvan een groot deel verbannen is naar de reserves en niet toegankelijk is voor het publiek.

De « uitbreidingen » van het Museum voor Oude Kunst, ingehuldigd in 1974, zijn reeds tien jaar lang gesloten. Er werden dure asbestverwijderingswerken uitgevoerd maar stopgezet zonder perspectief op voortzetting. Een fractie van de werken 15de- 19de eeuw wordt vandaag aan het publiek getoond in bedroevende omstandigheden. 

Vraag : is volgens u een museum voor schone kunsten in het centrum van Brussel, gewest, Vlaamse, nationale en Europese hoofdstad, de inzet van een culturele, educatieve, sociale en economische politiek ?
– Indien neen, waarom niet ?
– Indien ja,  wat zal u concreet ondernemen om het museum de noodzakelijke middelen te geven om op passende wijze aan deze inzet tegemoet te komen ?   

CD&V

Brussel heeft reeds vele culturele troeven zoals Bozar, De Muntschouwburg, Flagey, de Ancienne Belgique of de vele private initiatieven. Kortom er is voor ieder wat wils. Een museum voor schone kunsten is in de hoofdstad van Vlaanderen, België en Europa dan ook onontbeerlijk.

Voor de bestaande instellingen worden reeds vele middelen voorzien voor de Federale Wetenschappelijke Instellingen. De inzet van beschikbare middelen zal daarom efficiënter (bijvoorbeeld door het nastreven van schaalvoordelen) en rationeler (bijvoorbeeld door te vermijden dat projecten waarin veel geïnvesteerd wordt niet meer stopgezet worden) moeten.

Wat de beschikbare infrastructuur betreft, is het noodzakelijk om een inhaalbeweging op het vlak van afwerking en renovatie. De Regie der Gebouwen, die bevoegd is voor de gebouwen van de federale overheid, heeft de voorbije jaren reeds aangedrongen om een geactualiseerd masterplan te maken voor het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten. Dit zal in samenspraak met het museum moeten gebeuren aangezien zowel de collecties, het personeel als de bezoekers geen gevaar mogen lopen.

GROEN

Het museumbeleid moet in totaliteit worden bekeken. Het debat moet gaan over het brede museumbeleid. Het is toch vanzelfsprekend dat een museum voor schone kunsten in ozne hoofdstad een belangrijke plaats én functie inneemt.  Ik verwijs naar onze visie over de federale wetenschappelijke instellingen bij vraag 1

N-VA

Cultuur is reeds lang de bevoegdheid van de deelstaten. De KMKG op het Jubelpark bleven echter federale bevoegdheid. Gezien de ligging in Brussel, Europese hoofdstad, lijkt het ons logisch om deze musea te onttrekken aan Belspo en te streven naar meer autonome musea waarin we het beheer van de gebouwen, maar ook de uitbating van het museum in onderbrengen. De aandeelhouders zijn uiteraard de twee gemeenschappen van ons land, mogelijk aangevuld met privé-partners.

Beide gemeenschappen zijn dan samen verantwoordelijk voor het beheer van het gebouw, de nodige renovatiewerken, maar ook voor de collecties, het personeelsbeleid, het museumbeleid en alle andere zaken.

Open VLD

Het is de evidentie dat een volwaardig museum voor schone kunsten een plaats verdient in onze hoofdstad, net zoals een dergelijk museum zijn plaats heeft in Gent, Antwerpen, Doornik,…

Open Vld meent dat met de aankondiging van de Brusselse regering met de komst van een museum voor schone kunsten in het Citroën gebouw een cruciale stap is in de permanente tentoonstelling ten dienste van de gemeenschap van kunst. De nodige financiering moet inderdaad voorzien worden, echter zoals reeds aangehaald is een financiering vanuit de verschillende beleidsniveaus en andere kanalen de ideale mix.

 

4. Educatie, vorming, culturele bemiddeling

Het Museum voor Moderne Kunst is sinds 2011 gesloten en de verzamelingen die in het Vanderborght-gebouw zullen worden ondergebracht zullen nog twee of drie jaar ontoegankelijk zijn voor het publiek. Een jongere die zich in 2011 in het lager, secundair of hoger onderwijs inschreef, zal zijn cyclus beëindigen zonder contact te hebben gehad, in Brussel, met de verzamelingen 20ste en 21ste eeuw.

Het opsplitsen van de verzamelingen in zogenaamde « nieuwe musea » leidt tot een sterk verhoogde inkomprijs waardoor het museum voor een bepaald publiek moeilijk toegankelijk wordt.

Vraag : speelt, volgens u, het museum als culturele instelling  een rol in de opvoedings- en vormingspolitiek ? 
– Indien neen, waarom niet ?
– Indien ja, wat garandeert in uw programma de cognitieve en materiële toegang tot musea – en concreet tot de verzamelingen van de KMSKB, inbegrepen de verzameling moderne en hedendaagse kunst – voor kinderen van het lager onderwijs en jongeren van het secundair en hoger onderwijs ?

CD&V

Een museum heeft uiteraard een belangrijk rol in de opvoeding- en vorming van kinderen en jongeren. Aangezien de federale musea publieke instellingen zijn moet voor hen in het bijzonder deze toegang gegarandeerd worden. Toegangsprijzen mogen geen obstakel vormen om de federale collecties te bezichtigen.

De efficiënte omgang met de beschikbare middelen, een goede samenwerking met andere instellingen en met de gemeenschappen moet ervoor zorgen dat ook de federale kunstcollecties een belangrijke rol kunnen spelen in de opleiding van leerlingen en studenten. En dat dit aan democratische toegangsprijzen kan gebeuren.

CD&V is van oordeel dat de collectie Moderne en Hedendaagse kunst zo snel mogelijk terug toegankelijk moet zijn. We betreuren de keuze van de museumdirectie om de collectie op te bergen. Toch heeft Staatssecretaris Verherstraeten er mee voor gezorgd dat er een voorlopige tentoonstellingsruimte in het Vanderborght gebouw beschikbaar zal zijn. Dit zorgt ervoor dat de collectie (deels) terug zichtbaar zal zijn voor het publiek.

Dit geeft de federale overheid de kans om een permanente en duurzame oplossing te zoeken om de collectie tentoon te stellen. Op termijn zullen in Brussel de aanwezige federale verzamelingen moderne en hedendaagse kunst op een wijze gepaste wijze tentoongesteld worden.

GROEN

Het antwoord is ‘ja’. Het genoemde masterplan voor de musea moet vertrekken van de rijke collecties, maar zich volop inschrijven in de internationale ICOM-definitie. Daar is die educatieve opdracht een essentieel onderdeel van. WIj hebben in ons cultuurprogramma daarenboven zelf ook een prioriteit gemaakt van cultuureducatie en participatiebevordering.

N-VA

Cultuureducatie begint van jongs af aan. Hoe vroeger we kinderen in contact brengen met kunst en cultuur, hoe vroeger we ze kansen geven. Dat betekent niet alleen de toegang tot de musea verzekeren, maar ook het versterken van de cultuureducatieve dienst in het museum.

Laat kinderen proeven van kunst en cultuur en laat ze ook experimenteren met kunst en cultuur. Workshops, digitale cultuureducatie,… op school, thuis met de familie, spontaan, met jeugdbewegingen of tijdens vakantiestages, bijvoorbeeld.

Dit alles kan helpen om kinderen het verleden te leren kennen, te leren omgaan met het heden en de toekomst voor te bereiden. Een gratis verhaal bestaat niet, maar we moeten erover waken dat de inkomprijzen geen extra drempel vormen om kinderen, jongeren en jongvolwassenen kennis te laten maken met het museum en onze rijk kunst- en cultuurpatrimonium.

Open VLD

Sowieso moet een kind, een jongere de kans hebben tijdens zijn schoolloopbaan om meerdere musea te bezoeken. De musea moeten inderdaad qua toegangsprijs laagdrempelig blijven. Ieder museum heeft wel een aparte prijs voor kinderen en jongeren waardoor dit alles wel betaalbaar blijft.

 

5. Toekomstplanning

De toekomst van het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst en zijn verzameling, heeft nood aan een nuchtere en zorgvuldige reflectie, en dat in het belang van iedereen. Om dit te verwezenlijken, zoals dat meestal het geval is, moet de regering een opdracht tot toekomstplanning – zowel pragmatisch, inventief en gedocumenteerd – toekennen aan een persoon die zowel thuis is in museale politiek als in het domein van de hedendaagse kunst. Deze onderzoeksopdracht kan dan leiden tot een internationale werkgroep die het overleg en de noodzakelijke raadplegingen zal leiden (cf. vraag 1).

Het Museum voor Moderne Kunst werd gesloten zonder enig alternatief, het is nu aan anderen om er een toekomst voor te bedenken.

Vraag : bent u van mening dat de oprichting van een Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst voldoende belangrijk is om het voorwerp uit te maken van een grondige voorbereidende studie ?   
– Indien ja, zou u een onafhankelijke opdracht in verband met een toekomstplanning voorstellen of ondersteunen ?
– Indien neen, waarom niet ?

CD&V

CD&V voorziet geen specifiek nieuw museum voor de Moderne en Hedendaagse Kunst. De instelling die deze verzamelingen zal tentoonstellen blijft het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten. Of deze permanente tentoonstelling in een nieuw gebouw of in reeds bestaande gebouwen moet plaatsvinden, moet inderdaad onderdeel uitmaken van een grondige studie.

Door de voorlopige locatie van het Vanderborght gebouw is er tijd om de permanente tentoonstelling van de Moderne en Hedendaagse Kunst voor te bereiden en de plaats te geven die het verdient. Naast de locatie zal er in de studies ook oog moeten zijn voor de tentoonstellingswijze en een doordacht aankoopbeleid.

GROEN

Ja, een studie over een dergelijk museum is zeker zinvol. We moeten op die manier uitklaren hoe we de museumcollecties indelen en verspreiden over musea: bepalen van de criteria (obv van tijdsperiodes, dan wel kunstenaars of een ander indelingsprincipe. Zeker onze collectie moderne kunst moet opnieuw zichtbaar en toegankelijk worden. Over de wijze waarop spreken we ons niet uit, precies daarvoor moet die studie dienen. Daarnaast stelt zich de problematiek van de hedendaagse kunst. Is dit voor de federale musea een bijkomende opdracht? Deze collecties zijn echter niet zo uitgewerkt.

N-VA

Er moet een duidelijke toekomstplanning opgemaakt worden voor beide federale kunstmusea. Moderne en Hedendaagse Kunst moet daar een volwaardig deel van uitmaken. De N-VA wil deze musea in de eerste plaats uit hun administratief keurslijf halen, ze autonoom beheren met een dynamische raad van bestuur waar experten op velerlei vlak (financieel, museologisch, architecturaal…) in zetelen.

Verder willen we inzetten op het digitaal ontsluiten van de collecties en ondertussen een masterplan opstellen voor renovatie van de gebouwen. Alle collecties moeten evenwaardig getoond en ontsloten worden met de meest moderne museologische visie die beantwoordt aan de doelstellingen van ICOM. Daarvoor zijn ook financiële middelen nodig. Beide gemeenschappen dragen verantwoordelijkheid en ook inbreng zijn vanuit de prive-sector is mogelijk. Mecenaten, crowdfunding, fiscale stimuli zijn nodig om de bedrijfswereld, families en individuen te betrekken bij kunst en cultuur. Dat vergroot ook het maatschappelijk draagvlak voor kunst en cultuur.

De conclusie is duidelijk: de toekomstvisie moet gebaseerd zijn op flexibiliteit, op netwerken, sociaal weefsel en dynamisme.

Open VLD

Open Vld is ervan overtuigd dar een Museum voor moderne en hedendaagse kunst in Brussel moet komen, echter een zoveelste studie bovenop de anderen kan wel eens leiden tot extra kosten en onnodig tijdverlies. Open Vld meent dat nu volop de kaart moet getrokken worden om het Citroën gebouw om te vormen tot een attractief museum voor moderne en hedendaagse kunst, zodat dit effectief in 2017 kan opengaan.


 

[1] 18/4/14

[2] 9/4/14

[3] 9/5/14

[4]  9/5/14

* 14/5/2014 : Het standpunt van sp.a door wat betreft de federale musea : “De wetenschappelijke federale instellingen moeten zich bezighouden met de kern van hun opdracht, i.e. het runnen van een museum als een wetenschappelijke instelling (onderzoek, conservatie, aankoopbeleid, pedagogisch beleid,…). Bovendien moeten de instellingen meespelen in internationale debatten. Daarvoor moeten we hen de nodige artistieke en academische autonomie geven, door een aantal taken uit hun handen te nemen, zoals bijvoorbeeld het beheer van de gebouwen, het personeelsbeheer en het management. Die functies kunnen een onderkomen vinden in een gewestelijke structuur, los van het inhoudelijke.” De visie van sp.a op een museum voor moderne en hedendaagse kunst : http://www.makbrussel.be/wp-content/uploads/2013/07/MAK_projectvoorstel.pdf, en op de Belgische musea : http://www.faronet.be/dossier/musea-anno-2014/musea-middelen-en-macht-stemmen-uit-de-politiek.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Mededelingen van MzM, Politici

Stad draagt Vanderborghtgebouw over aan staat

De Stad Brussel draagt het Vanderborghtgebouw voor een periode van dertig jaar over aan de federale staat voor één symbolische euro. Daarmee is een nieuwe stap gezet voor de ombouw van het Vanderborght tot een tijdelijk (?) onderkomen voor het Museum voor Moderne Kunst.

Het Dexia Art Center/Vanderborghtgebouw (© tvb)

Sinds de sluiting van het Museum voor Moderne Kunst in de Regentschapsstraat staat het Vanderborghtgebouw in pole position om tijdelijk een onderkomen te bieden aan de collectie. Probleem was de financiering van de werken. De Regie der Gebouwen toonde aanvankelijk weinig animo om de werken te bekostigen. Het gebouw zou niet geschikt zijn om er een permanent museum in te huisvesten.

Mogelijk op vrijdag 21 februari, anders op een van de volgende ministerraden, neemt de federale ministerraad akte van de overdracht van de stad Brussel aan de federale overheid van het gebouw. Voor één symbolische euro krijgt de federale overheid het gebouw ter beschikking voor een periode van 30 jaar.

Daarmee zal een belangrijke stap voorwaarts gezet worden in het dossier. Blijft nu wel het probleem van de financiering. De ministerraad zal ook het licht op groen zetten voor een nieuwe studie over de renovatie van het gebouw. Die studie kost 750.000 euro.

De werken werden eerder geraamd op 11 miljoen euro.

Geen geld van Beliris
In tegenstelling tot wat her en der werd geschreven, investeert Beliris, het samenwerkingsverband tussen Brussel en de federale overheid, (voorlopig?) geen enkele euro in de renovatie, vernambrusselnieuws.be. Het geld moet komen van de Regie der Gebouwen.

Wel is het zo dat Beliris geld heeft uitgetrokken voor de renovatie van de atelierruimten van de Muntschouwburg, die uitgeven op het Vanderborghtgebouw.

Het Vanderborghtgebouw in de Schildknaapstraat deed dienst als het epicentrum voor het cultuurjaar Brussel 2000. Nadien nam de bank Dexia het gebouw over, met de belofte om er een culturele bestemming aan te geven. Het Dexia Art Center kwam echter nooit echt van de grond.

Lab
Michel Draguet, directeur van het Museum voor Schone Kunsten (KMSKB), ziet het museum als het Postmodern Lab Museum: de helft zou dienen om er de collectie moderne en hedendaagse kunst in onder te brengen, de andere helft voor tentoonstellingen.

Het is niet duidelijk of de Muntschouwburg nog betrokken wordt bij het project. Eerder zei de Munt geïnteresseerd te zijn om er decors en rekwisieten in onder te brengen.

Normaalgezien zou het Museum voor Moderne Kunst/Postmodern Lab Museum maar tijdelijk in het Vanderborghtgebouw moeten huizen. En zou er een nieuw museum gebouwd worden in de Kanaalzone. Maar als er een kink in de kabel komt voor dat museum zou het tijdelijke wel eens zeer lang kunnen duren.

 

door EVC © brusselnieuws.be. Brusselsnieuws.  17/02/2014

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Brusselnieuws, Pers en media

%d bloggers liken dit: