Vragen aan de voorzit(s)ters van politieke partijen

Vragen aan de voorzit(s)ters van politieke partijen, aan de mandatarissen en kandidaten, in verband met de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België en met de sluiting van het Museum voor Moderne Kunst

De verkiezingen van 25 mei naderen. Uw partij zal misschien deel uitmaken van een regeringscoalitie. Of u zal oppositie voeren waar u niettemin uw hart zal laten spreken ! In beide gevallen zouden wij nu reeds graag uw mening kennen.

De regering zal zich moeten uitspreken over de positie van de federale wetenschappelijke instellingen. Binnen dat kader zijn de federale musea, die zowel een patrimonium als een actueel cultureel instrument vormen, een prioriteit. De kiezers zouden graag de voorstellen van uw partij kennen in verband met de bedroevende situatie van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten en de sluiting – sinds februari 2011- van het Museum voor Moderne Kunst.

Daarom herhaalt het collectief Museum zonder Museum haar belangrijkste eisen :

–        de onmiddellijke en permanente heropstelling van de kunst van de 20ste en 21ste eeuw

–        een breed publiek debat met alle betrokken partijen

 

Welke antwoorden heeft u op volgende vragen ?

 1. Museum

Een museum is « een permanente instelling, niet gericht op het behalen van winst, die ten dienste staat van de samenleving en haar ontwikkeling. Een museum verwerft, behoudt, onderzoekt, presenteert, documenteert en geeft bekendheid aan de materiële getuigenissen van de mens en zijn omgeving, voor doeleinden van studie, educatie en genoegen».  Deze definitie van de ICOM is een internationale referentie.

De sluiting van het Museum voor Moderne Kunst en van een groot deel van het Museum voor Oude Kunst versnippert de verzamelingen : deze willekeurige en eenzijdige beslissingen staan haaks op de doelstellingen van het museum. Zij passen niet binnen het kader van een noodzakelijke bestuurlijke autonomie en dienen gecontroleerd en eventueel parlementair gesanctioneerd te worden.

De term ‘museum’ zal niet meer gebruikt worden om het toekomstige Museum voor Moderne Kunst aan te duiden ! Het zal vervangen worden door de vreemde aanduiding ‘Post Modern Lab’ : een manier om de betekenis en doelstellingen van het museum te laten verwateren.

 Vragen : maken de doelstellingen van de federale musea en van de KMSKB deel uit van uw politiek project ?

– Indien ja, welke maatregelingen zal u nemen opdat deze doelstellingen op exemplarische wijze worden nagestreefd ?

– Indien neen, waarom niet ?

 

2. Debat

De verdwijning zonder meer van de verzameling moderne kunst en de talrijke disfunctioneringen – de massale sluiting van de museumzalen, ernstige incidenten in verband met de conservatie van de werken, de vroegtijdige sluiting van de tentoonstelling Van der Weyden – veroorzaken terechte reacties, zelfs woede, in vele sectoren van de publieke opinie. Ze werden naar buiten gebracht door MzM, de pers en verschillende parlementairen.

In 2012 heeft Minister Paul Magnette, op dat ogenblik bevoegd voor Wetenschapsbeleid, de actoren uit de kunstwereld geconsulteerd (kunstenaars, docenten, conservatoren, journalisten, galeriehouders, verzamelaars, verantwoordelijken van verenigingen, architecten, ministers van cultuur) om hun visie te kennen in verband met « een groot centrum voor moderne en hedendaagse kunst ». Hij deed de belofte de verschillende bijdragen te publiceren.  

Vragen : verdienen de toekomst en het bestuur van de KMSKB en van een Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst in Brussel een openbaar debat ?

– Indien neen, waarom niet ?

– Indien ja, waar, onder welke vorm en met welke partners zou u dit debat willen voeren ?

 

3. Gebouwen, zalen en verzamelingen

De aankondiging om de verzamelingen moderne kunst onder te brengen – op voorlopige basis en op een niet nader bepaald tijdstip – in het Vanderborght-gebouw zegt niets over de projecten betreffende het gebouw van de KMSKB aan de Regentschapsstraat waar de meerderheid van de zalen om diverse redenen sinds jaren gesloten zijn. Het zegt ook niets over het lot van de verzameling oude kunst waarvan een groot deel verbannen is naar de reserves en niet toegankelijk is voor het publiek.

De « uitbreidingen » van het Museum voor Oude Kunst, ingehuldigd in 1974, zijn reeds tien jaar lang gesloten. Er werden dure asbestverwijderingswerken uitgevoerd maar stopgezet zonder perspectief op voortzetting. Een fractie van de werken 15de- 19de eeuw wordt vandaag aan het publiek getoond in bedroevende omstandigheden.

Vraag : is volgens u een museum voor schone kunsten in het centrum van Brussel, gewest, Vlaamse, nationale en Europese hoofdstad, de inzet van een culturele, educatieve, sociale en economische politiek ?

– Indien neen, waarom niet ?

– Indien ja, wat zal u concreet ondernemen om het museum de noodzakelijke middelen te geven om op passende wijze aan deze inzet tegemoet te komen ? 

 

 4. Educatie, vorming, culturele bemiddeling

Het Museum voor Moderne Kunst is sinds 2011 gesloten en de verzamelingen die in het Vanderborght-gebouw zullen worden ondergebracht zullen nog twee of drie jaar ontoegankelijk zijn voor het publiek. Een jongere die zich in 2011 in het lager, secundair of hoger onderwijs inschreef, zal zijn cyclus beëindigen zonder contact te hebben gehad, in Brussel, met de verzamelingen 20ste en 21ste eeuw.

Het opsplitsen van de verzamelingen in zogenaamde « nieuwe musea » leidt tot een sterk verhoogde inkomprijs waardoor het museum voor een bepaald publiek moeilijk toegankelijk wordt.

Vraag : speelt, volgens u, het museum als culturele instelling een rol in de opvoedings- en vormingspolitiek ?

– Indien neen, waarom niet ?

– Indien ja, wat garandeert in uw programma de cognitieve en materiële toegang tot musea – en concreet tot de verzamelingen van de KMSKB, inbegrepen de verzameling moderne en hedendaagse kunst – voor kinderen van het lager onderwijs en jongeren van het secundair en hoger onderwijs ?

 

5. Toekomstplanning

De toekomst van het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst en zijn verzameling, heeft nood aan een nuchtere en zorgvuldige reflectie, en dat in het belang van iedereen. Om dit te verwezenlijken, zoals dat meestal het geval is, moet de regering een opdracht tot toekomstplanning – zowel pragmatisch, inventief en gedocumenteerd – toekennen aan een persoon die zowel thuis is in museale politiek als in het domein van de hedendaagse kunst. Deze onderzoeksopdracht kan dan leiden tot een internationale werkgroep die het overleg en de noodzakelijke raadplegingen zal leiden (cf. vraag 1).

Het Museum voor Moderne Kunst werd gesloten zonder enig alternatief, het is nu aan anderen om er een toekomst voor te bedenken.

Vraag : bent u van mening dat de oprichting van een Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst voldoende belangrijk is om het voorwerp uit te maken van een grondige voorbereidende studie ?  

– Indien ja, zou u een onafhankelijke opdracht in verband met een toekomstplanning voorstellen of ondersteunen ?

– Indien neen, waarom niet ?

 

Museum zonder Museum zal uw antwoorden publiceren en doorgeven aan de media. Wij danken u.

2 april 2014

 

 

 

 

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Acties, Actualiteit, Mededelingen van MzM

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s