Maandelijks archief: juli 2013

Vergeet Guggenheim, denk (Tate) modern

Sterarchitectuur om er kunst in onder te brengen. Er zijn geslaagde voorbeelden van te vinden. Maar net zo lief zijn er collecties op voortreffelijke wijze ondergebracht vertrekkend van het bestaande patrimonium. Paul Dujardin hoopt dat die piste wordt bewandeld voor moderne kunst in Brussel.

De discussie over een Museum voor Moderne Kunst in Brussel is als een monster van Loch Ness. Het debat gaat jaren kopje onder om na verloop van tijd weer in alle hevigheid boven water te komen. In een opiniebijdrage spreekt de Vlaamse bouwmeester Peter Swinnen over een non-debat (DS 18 juli). Niet omdat er niets aan de hand zou zijn, maar omdat de betrokken partijen naast elkaar hun gang gaan.

Ik roep met aandrang op tot een debat ten gronde met alle betrokken partijen: de kunstinstellingen, de kunstenaars, de politici van de nv België en de private sector. De zomer is een ideaal ogenblik voor een ‘Poupehan’ of ‘Villa Hellebosch’ rond de vraag hoe Brussel een collectie voor moderne kunst van internationaal niveau op de kaart kan zetten.

Voorgeschiedenisvan een zogenaamd non-debat

Waar draait het ‘non-debat’ om? Er is de collectie moderne kunst van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB), die nu vier jaar grotendeels in de reserves zit. Er is de vraag naar een nieuw gebouw en een concreet voorstel – getrokken door Vlaams parlementslid Yamila Idrissi (SP.A) – om het in de Kanaalzone te bouwen (DS 11 juli). Er is de piste die Michel Draguet, directeur van de KMSKB, nu bewandelt om de collectie onder te brengen in het Vanderborght-gebouw. Wat het ook wordt: geld zal het kosten. Laten we niet vergeten dat Brussel al sinds 1887 een Museum voor Moderne Kunst heeft.

De hardware is één aspect. Een museum is in eerste instantie een structuur met een wetenschappelijk team dat instaat voor het beheer, het behoud en de ontsluiting van een collectie. De druk op tijdelijke tentoonstellingen is de jongste decennia enorm toegenomen. Gevolg van de expo-carrousel: haast alle musea in Europa tonen een steeds kleiner deel van hun vaste collectie. Zo kampt een museumdirecteur voortdurend met vragen als: wat tonen, waar tonen, en aan wie bruiklenen?

In de jaren 1960 was de nood aan een nieuw onderkomen voor het Museum van Moderne Kunst in Brussel nijpend. Na een incubatietijd van 17 (!) jaar ging het nieuwe Museum voor Moderne Kunst in 1984 ondergronds. Brussel bleek niet rijp voor hedendaagse architectuur in het historische stadscentrum. De eerste ontwerpen van Roger Bastin, met een strak modernistisch bovengronds volume, belandden in de prullenmand. Het museumgebouw verdween in een put. Het omliggende museumplein werd een niemandsland. In 2000 doopte het architectuurprogramma van Brussel 2000 de hele Kunstberg om tot ‘Vacant City’, een leegstaande stad. Het museumplein en het Europaplein aan de voet van de Kunstberg droegen administratieve stilstand uit. Sinds Brussel 2000 kwam de wijk in beweging, denk aan het Muziekinstrumentenmuseum (MIM), het BELvue Museum, de ontsluiting van de Coudenberg, een nieuwe vleugel voor het Museum voor Oude kunst, gerenoveerde tentoonstellingszalen in het Paleis voor Schone Kunsten, de Cinematek, het nieuwe congrescentrum Square, het Magritte-museum… Michel Draguet droomt nu van een art-nouveaumuseum, een plek die een van Brussels toeristische troeven sterker uitspeelt. Zijn voorstel past in de bredere dynamiek.

Weg met het Bilbao-syndroom

De Kunstberg staat niet langer vacant. Toch is er op deze museumsite alleen al meer dan 50.000 m² publieke ruimte beschikbaar voor culturele doeleinden. Wat zal het worden? Een nieuwbouw – een MAS voor Brussel – of museale reconversie? Het Muhka is gehuisvest in een graansilo, het SMAK in een casino, MuZee in een grootwarenhuis, het MAC’s in een mijnsite.

Nieuw gebouwde musea door sterarchitecten zijn volgens velen de kortste weg naar stadsontwikkeling en citymarketing. Doorgaans gaat het om bijhuizen van een moederstructuur: Guggenheim in Bilbao, Pompidou-Metz, Louvre-Lens. Het Bilbao-syndroom is nu tot in de Verenigde Emiraten doorgedrongen. In museumland lijkt de landmark-architectuur stilaan op haar laatste benen te lopen. Er dienen zich nieuwe modellen aan. Anders dan het artificiële Saadiyat-eiland in Abu Dhabi vormt Brussel geen onbeschreven blad. Investeren in de bestaande infrastructuur is in crisistijd de meest wijze beslissing. Een nieuw museumgebouw zal er hooguit over vijftien à twintig jaar staan. Met het beproefde, maar achterhaalde procédé van sterachitectuur dreigt Brussel in 2030 achter de feiten aan te hollen. Laat dit geen alibi zijn voor het status-quo.

Laten we niet vertrekken vanuit de stenen maar vanuit de inhoud, de omgang met de kunstwerken. Cultuur mag dan al gemeenschapsmaterie geworden zijn, samen bezitten de federale wetenschappelijke instellingen een roerend patrimonium van 6,2 miljard. De overheid dient als een goede huisvader om te springen met dit roerende erfgoed. Tijdens Brussel 2000 stelde het collectief DTN provocatief voor om het Centraal Station als uitvalsbasis te nemen voor een kunst- en onderzoekscentrum in Brussel. Geen Centrumvoor kunst maar een Centrale: een punt waar informatie, ook in gedigitaliseerde vorm, samenkomt en wordt doorgegeven. Dit beeld spreekt me voor het hernieuwde museum sterk aan. Om in Brussel het niveau van een Guggenheim of Tate Modern te halen, moet het museum connecties aangaan met de bestaande culturele infrastructuur, de opgebouwde kennis en andere publieke en private collecties. Koppen bij elkaar!

http://www.standaard.be/cnt/dmf20130722_00667174

PAUL DUJARDIN, De Standaard, 23/07/2013 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder De Standaard

Museum Moderne Kunst moet 380.000 bezoekers lokken

Het toekomstige museum voor Moderne Kunst in het Vanderborghtgebouw moet zelfbedruipend zijn, zegt de Inspectie Financiën. Daarvoor moet het niet minder dan 380.000 bezoekers per jaar lokken. Directeur Michel Draguet ziet dat zitten, mits een stevige city marketing.

Ten vroegste in het najaar buigt de federale regering zich over de tijdelijke verhuis van de collectie van het – sinds februari 2011 gesloten – Museum voor Moderne Kunst naar het Vanderborghtgebouw in de Schildknaapstraat. De Inspectie van Financiën heeft nu al wel haar advies geformuleerd, schrijft La Libre Belgique. Daarin staat dat het museum zelfbedruipend wordt. Daarvoor zijn er minstens 380.000 bezoekers per jaar nodig. Dat is bijna evenveel dan het bezoekersaantal van het Magritte Museum. Een stevige opdracht dus, want het ‘product’ Magritte kent ruime bekendheid.

Publiek-private samenwerking
Michel Draguet, directeur van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten, vraagt aan het Brusselse Gewest en aan de Stad Brussel om te zorgen voor voldoende promotie en city marketing.

Eerder al vroeg de Inspectie dat de kostprijs voor de inrichting van het gebouw, geraamd op 11 miljoen euro – zou bekostigd worden via een publiek-private samenwerking. Met andere woorden: privésponsors moeten mee in het bootje stappen. En die operatie is nog niet rond.

Als alles goed gaat zou het museum openen in 2017. De discussie over het al dan niet bouwen van een nieuw, permanent museum voor moderne en hedendaagse kunst evenals de financiering ervan blijft open.

viaMuseum Moderne Kunst moet 380.000 bezoekers lokken.

© brusselnieuws.be, vrijdag 19 juli 2013, 11u49

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Brusselnieuws, Pers en media

Vlaamse bouwmeester: ‘Vanderborghtgebouw niet geschikt als museum’

Het Vanderborghtgebouw is niet geschikt als permanente locatie voor het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst. Dat zegt de Vlaamse Bouwmeester Peter Swinnen in een opiniestuk in De Standaard. Hij pleit voor een onafhankelijke studie door de Brusselse Bouwmeester.

Het Vanderborghtgebouw

Het Vanderborghtgebouw (© tvb)

Het Vanderborghtgebouw in de Schildknaapstraat – het vroegere hoofdkwartier van het cultuurjaar Brussel 2000 – is volgens Swinnen niet geschikt om het nieuwe Museum voor Moderne en hedendaagse Kunst in te huisvesten. De structuur van het gebouw voldoet niet, en bovendien hebben andere Brusselse buurten nood aan een stadsimpuls.

Het gebouw is volgens Swinnen niet alleen veel te klein – het telt netto 4.000 vierkante meter expo-oppervlakte – het Tate Modern biedt er 33.000 – maar bovendien verstoken van natuurlijk licht. Het gebouw vindt in Swinnens ogen wel genade als tijdelijke locatie voor het museum. Dat was door voormalig minister Paul Magnette (PS), bevoegd voor de federale culturele instellingen ook zo voorzien. Swinnen verdenkt er zijn opvolger Philippe Courard (PS) van dat hij het museum er permanent in wil onderbrengen.

‘Gemiste kans voor stedelijke dynamiek’
“Maar de grootste gemiste kans door al het geld op het beperkte Vanderborght te verwedden, is de stedelijke dynamiek. De buurt rond de Koningsgalerij en de Kunstberg heeft niet nóg een culturele publiekstrekker nodig”, aldus Swinnen. “Het is er nu al over de koppen lopen. Het Brussels Gewest kent zeker uitdagender buurten – zoals onder meer het kanaal – waar een Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst een noodzakelijke stadsimpuls zou kunnen teweegbrengen. Die enorme kans mag niet zomaar onder de mat geveegd worden”.

Vorige week riep Yamila Idrissi (SP.A) in een persconferentie met boottocht op het kanaal nog eens op om een Mak op te richten, een Museum aan het kanaal. De dag nadien herinnerde de CD&V eraan het al eerder het idee had gelanceerd voor een Museum aan de Zenne.

Swinnen heeft het voorstel “een hoogtepuntje in het non-debat omtrent een nieuw Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst in Brussel. (…) Het non-debat bestaat erin dat de federale overheid – ondanks de positieve en kritische druk – van krommenaas blijft gebaren”.

‘Administratieve lethargie’
De complexiteit van het Belgische staatsbestel, zeker op cultureel gebied vereenvoudigt de zaken niet. “Maar wie gaat het voortouw nemen in deze processie? De collectie is immers federaal, de stad Brussel wenst terecht ook haar zegje te doen en de stedenbouwkundige ambitie moet minstens het Brussels Hoofdstedelijk Gewest”, stelt Swinnen.

“Het euvel van de federale culturele instellingen is evenwel een vrijwel permanent machtsvacuüm. De collectie moderne en hedendaagse kunst is immers een federale restbevoegdheid. (…) De Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, waar de collectie moderne en hedendaagse kunst onder ressorteert, worden bijgevolg amper politiek aangestuurd. De administratieve lethargie is navenant”, aldus nog Swinnen.

Hij pleit voor een onafhankelijke studie door de Brusselse Bouwmeester. Die moet het ruimtelijk, economisch, maatschappelijk en bestuurlijk potentieel van dergelijk museum in kaart brengen.

Vlaamse bouwmeester: ‘Vanderborghtgebouw niet geschikt als museum’.

© brusselnieuws.be, donderdag 18 juli 2013, 10u50

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actualiteit, Brusselnieuws, Pers en media

100 bekende Brusselaars vragen Museum aan het Kanaal

Honderd bekende Brusselaars uit de culturele sector en de media scharen zich achter het project voor een museum voor hedendaagse kunst aan het kanaal. Zij fungeren als ambassadeurs van de campagne “If you can dream it, you can do it”.

via100 bekende Brusselaars vragen Museum aan het Kanaal.

Brusselnieuws. update woensdag 10 juli 2013, 17u37. © brusselnieuws.be

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Brusselnieuws, Pers en media